Ik haat Barcelona

Door Ferenz Jacobs

Ik haat Barcelona (Uitgeverij Melusina)

Volgens gegevens van het Catalaanse Bureau voor de Statistiek hebben meer dan 13 miljoen toeristen het afgelopen jaar een bezoek gebracht aan Barcelona. De onvrede bij de Barcelonezen over dit “toeristisch terrorisme” heeft een literaire uitlaatklep gevonden. Een dozijn jonge schrijvers heeft meegewerkt aan de verhalenbundel Odio Barcelona (Ik haat Barcelona). De auteurs behoren allen tot de huidige generatie dertigers die is zijn geboren of getogen in Barcelona. Wat zij delen is een vreemd onderbuikgevoel dat de Catalaanse hoofdstad hen de rug heeft toegekeerd. Deze schrijvers uit de Spaanse underground, waaronder Javier Calvo, Llúcia Ramis en Matías Néspolo, beschrijven een lege en futloze stad, die verkocht is aan de hoogste bieder om hetzelfde hipheidsniveau te bereiken als wereldsteden als New York, Londen en Parijs.

Barcelona is een attractiepark voor Erasmusstudentjes. Barcelona dwingt haar bewoners te leven als zombies die naar zonnebrand ruiken. Barcelona is gewoon een dure hoer met Gaudí als G-spot. Geen zoete woordjes dus voor deze modernistische stad aan de Middellandse Zee, maar harde kritiek. Zo ook van Robert-Juan Cantavella’s Barcelona Arcade. Miljoenen toeristen hebben op de stranden van Barcelona gelegen, zijn ’s avonds naar de discotheek gegaan en hebben vervolgens een biertje van een Pakistaan op de Ramblas gekocht, alsof ze allemaal deelnamen aan een soort absurd videospelletje, Barcelona Arcade genaamd.

Ana S. Pareja van uitgeverij Melusina, die de twaalf schrijvers selecteerde op basis van de drie criteria van jong, talentvol en humoristisch, liet in een interview weten dat zij persoonlijk Barcelona niet haat, maar juist het grijze en saaie BCN als commercieel merk en eindeloze bouwput verafschuwt. Het boek is bedoeld als gezonde kritiek en tegelijkertijd als vermaak voor mensen die het een beetje gehad hebben met de stad waar ze wonen. De omslag van het boek en de reclamespot op YouTube roepen echter beelden op van het jaar 1842, toen generaal Espartero Barcelona liet bombarderen om een revolutie van deze stad tegen te gaan. Hij zei destijds: “Barcelona zou tenminste iedere 50 jaar gebombardeerd moeten worden”.

Deze verhalenbundel heeft een slimme verkoopstrategie en past perfect binnen de huidige zeitgeist van de Barcelonezen. Een extreem voorbeeld hiervan zijn de acties tegen het “toeristisch terrorisme” door Grups Autònoms de Resistencia Antiguiri (GARAG). Met grote letters REFUGEES WELCOME, GUIRIS GO HOME maken zij hun mening duidelijk op spandoeken en muren. Vorig jaar waren de Erasmusstudenten in de uptown wijk Gàcia het slachtoffer. Afgelopen zomer de toeristen in het algemeen en de Duitsers zonder T-shirts, Amerikanen met Mexicaanse sombrero’s en Engelsen die hier hun vrijgezellenavond vieren in het bijzonder. Ook de hooligans van de Glasgow Rangers, die geen kaartje hebben weten te bemachtigen voor Camp Nou en dronken om zich heen schreeuwen en kotsen op Plaça Catalunya, zijn doelwit.

GARAG is misschien een klein groepje rebellen dat voor plaatselijke incidenten zorgt, steeds vaker klagen Catalaanse vrienden en collega’s over de grote hoeveelheid toeristen in “hun” stad die zich misdragen. Net als de leden van GARAG zien zij Barcelona veranderen in een toeristisch attractiepark. De nieuwste film van Woody Allen, Vicky Cristina Barcelona, zal daar nog een extra schepje bovenop doen. Velen verwachten een nieuwe golf toeristen, die de Ramblas definitief onbegaanbaar zal maken. Echte Barcelonezen vermijden deze boulevard trouwens al jaren.

Het klopt dat Barcelona sinds de Olympische Zomerspelen van 1992 van alles doet om als stad zo cool mogelijk te zijn. De stad staat zestien jaar later definitief op de wereldkaart. Tegenover al deze negatieve kritiek op de marketingstrategie van de stad staat de mening van de Catalaanse filmregisseur Ventura Pons: “Barcelona is een geweldige stad. De enigen die dat niet inzien zijn de Barcelonezen zelf.”

Bookmark and Share

Ferenz Jacobs, woonachtig in Barcelona, is freelance kunstcriticus. Hij rondde zijn studie Culturele Antropologie met een specialisatie in visuele cultuur aan de Universiteit van Leiden af met een onderzoek naar de eerste reality tv show in Santiago, Chili. Na een master Kunstfilosofie aan de Autonome Universiteit van Barcelona werkte hij voor het short film festival Mecal en de videokunstbeurs Loop. Momenteel schrijft hij voor verschillende Catalaanse en Spaanse media.

  

Er zijn nog geen reacties

Hier graag uw bericht




?
? ?
?

Powered by TalkBack