Otto Wagner
Artis sola domina necessitas
Door Winnie de Keizer
Sinds april 2009 kan de toerist die Wenen bezoekt met een vrolijk geel gekleurde tram een tour maken over de Ringstraße. Er kan bij iedere halte, aangegeven met een geel bordje, ingestapt worden. Tegen betaling van 6 euro ontvangt de reiziger een set oortjes, waarmee de route van toeristische informatie wordt voorzien, begeleid door beelden op LCD-schermen. De Wiener Ringstraße is aangelegd op het terrein waar voorheen de vestingwerken van de stad waren gelegen. Keizer Franz Jozef I bestempelde de verdedigingswerken in 1858 als overbodig en schreef een prijsvraag voor architecten uit om het vrijgekomen gebied stedenbouwkundig in te vullen. De Ringstraße is ruim vier kilometer lang en aan de boulevards zijn vele gezichtsbepalende gebouwen, pleinen en groenvoorzieningen gebouwd en aangelegd.
Recent was ik in Wenen en besloot, gezien de lengte van de Ringstraße, de rit in de Ring Tram te maken. Aangeland op de Stubenring, het meest oostelijke gedeelte, wees de tourinformatie mij op een gebouw aan mijn rechterhand, waar vroeger het ministerie van oorlog gehuisvest was. De architect van dit Kriegsministerium, Ludwig Baumann (1853-1936), voerde het gebouw in neo-Barok uit. De Rough Guide to Vienna schrijft erover: ‘Completed in 1912, it’s a thoroughly intimidating building, smacking of reactionary, bombastic militarism (…). Grim busts of the empire’s soldiers keep watch from the keystones above the ground-floor windows, while armed cherubs and a vast military panoply, guarded by a double-headed eagle with wings outstretched, look down from the pediment. The building now houses various governmental departments’. Plichtsgetrouw nam ik een foto, en dacht: inderdaad, bombastisch.
Kriegsministerium, (Foto: Winnie de Keizer, 2009).
Ik had beter naar links kunnen kijken. Tegenover het Kriegsministerium, aan de Georg Coch Platz, staat de Postsparkasse, gebouwd door Otto Wagner (1841-1918). Een groter contrast kan je niet bedenken. Hoewel eerder gebouwd (1904/06) is de Postsparkasse modern en progressief. Het gebruikte materiaal is voor die tijd revolutionair te noemen. De gevels zijn bekleed met granieten en marmeren platen, die op hun plek gehouden worden door metalen bouten, bekleed met aluminium. De gevel wordt bekroond door een pergola met laurierkransen, aan beide zijden geflankeerd door gevleugelde beelden van aluminium. Dit toentertijd nieuwe materiaal is ook gebruikt voor de bekleding van de stalen zuilen die de sierlijke glazen kap boven de entree ondersteunen. Het gewelfde glazen dak wordt gedragen door zichtbaar gehouden, fijne stalen profielen; de vloer is belegd met glazen platen. In het interieur komt het aluminium terug als materiaal voor de verwarmingszuilen en als bekleding voor de stalen kolommen.
Postsparkasse, (Foto: Winnie de Keizer, 2009).
Postsparkasse interieur, (Foto: Winnie de Keizer, 2009).
Postsparkasse interieur, (Foto: Pieter van Haeften, 2009).
Hoe kon het dat de tourinformatie mij wees op het Kriegsministerium, maar voorbij ging aan dit prachtige gebouw? Gelukkig had mijn reisgenoot wèl naar links gekeken, en zijn we het later gaan bekijken.
Natuurlijk kan je, als je Wenen bezoekt, niet om Otto Wagner heen, hij heeft alleen al door de aanleg van de Stadtbahn, inclusief de bouw van de stations en de bruggen, zijn stempel op de stad gedrukt. Wagner was leerling van August Sicard von Sicardsburg en Eduard van der Nüll, twee van de architecten die de prijsvraag voor de aanleg van de Ringstraße gewonnen hadden. In zijn beginjaren als zelfstandig architect en bouwmeester ontwierp hij vooral in historiserende stijl. In 1892 kreeg hij de opdracht voor het ontwerpen van de Stadtbahn en kon hij zijn nieuwe ideeën over moderne bouwkunst toepassen. In 1899 sloot hij zich aan bij de Wiener Secession, een afsplitsing van het Wiener Künstlerhaus. De Secession wees het traditionalisme daarvan af en ontwikkelde de plaatselijke variant van de Jugendstil. Meer en meer ging Wagner zich wijden aan een nieuwe vormentaal, gebaseerd op het doel, het materiaal en de constructie van een gebouw; hij noemde het ‘Nutzstil’. Volgens hem kon iets wat onpraktisch was, niet mooi zijn; noodzakelijkheid bepaalt de kunst. De verdienste van Wagner is dat hij iets toevoegde aan de romantische stijl van de Jugendstil in Wenen: het benadrukken van functionaliteit zonder afstand te doen van decoratieve elementen. De ornamentiek van een gebouw benadrukt de functie ervan.
In één van zijn Stadtbahnstations, Pavillon Karlsplatz (1898/99), is een klein museum ter ere van zijn werk ingericht.
Karlsplatz, (Foto: Winnie de Keizer, 2009).
Gebruikte literatuur
- Walter Zednicek, Otto Wagner, Zeichnugen und Pläne (Wenen 2002)
- Rob Humphreys, The Rough Guide to Vienna (New York/Londen/Delhi, 2008)
- Wikipedia: lemma’s Otto Wagner, Wiener Secession
Winnie de Keizer woont in Delft. Vroeger was ze medisch secretaresse. Ze is MA Algemene Cultuurwetenschappen. Daarnaast is ze actief in het Filmhuis Lumen in Delft en schildert ze. Haar werk is te bekijken op www.atelierdekeizer.nl

