Nieuw boek van schrijversduo Van Uuden & Stokvis: Bloemen Mozes. Het leven van Adolph Stein in de marge (1872-1944)

Door Marga Mulder

Bloemen Mozes

Voor de tweede keer hebben cultuurwetenschapper Cornelie van Uuden en historicus Pieter Stokvis samen een boek geschreven. In 2007 kwam het boek De gezusters Van Vloten uit over Martha, Kitty en Betsy Van Vloten die trouwden met respectievelijk de schrijver Frederik van Eeden en Albert Verwey en de schilder Willem Witsen. Deze keer staat ‘Bloemen Mozes’ centraal.

Ik stelde beide schrijvers een aantal vragen:

Waar gaat jullie nieuwe boek in grote lijnen over?

Cornelie: Het boek gaat over Adolph Stein, alias Bloemen Mozes, een algemeen bekend figuur uit het Amsterdam van de jaren dertig. Deze man heeft zelf twee keer zijn memoires geschreven. Hij vond het niet vervelend om in de belangstelling te staan en heeft indertijd ook interviews gegeven. Zijn memoires vormden het beginpunt van een onderzoek naar zijn leven. Zijn bijnaam Bloemen Mozes had hij te danken aan zijn activiteiten als bloemenverkoper, maar hij was ook actief als artiest en als uitbater van uitgaansgelegenheden, al dan niet legaal. Ook zijn privéleven was turbulent. Hij trouwde drie keer, waarbij het leeftijdsverschil met zijn echtgenote steeds groter werd en regelmatig wederzijds overspel aan de orde was. Hoewel hij zelf had besloten om zich in de Tweede Wereldoorlog oorlog neutraal op te stellen, stelde de bezetter zich tegenover hem niet zo op. Zijn joodse afkomst werd hem uiteindelijk fataal. Hij werd in 1944 in Auschwitz vergast.

Hoe is het boek ingedeeld?

Pieter: Wij hebben ons boek de vorm gegeven van een drieluik. De speurtocht naar de herkomst van de manuscripten leverde veel stof op. Die stof hebben wij verwerkt in het eerste deel dat de inleiding vormt tot het middenluik, de hertaling van de Memoires als ‘hart’ van het boek. In het derde deel doen wij verslag van onze zoektocht naar Adolph Stein, de man achter de publieke figuur Bloemen Mozes. Voor zover mogelijk hebben wij zijn levensweg vanaf zijn geboorte in de Amsterdamse Jodenbuurt in kaart gebracht. Onze zoektocht heeft zo veel verrassende ontdekkingen opgeleverd dat dit boek over Bloemen Mozes bepaald geen hagiografie is geworden, eerder een verhaal over een charmante schelm die wist te overleven in de marge van de maatschappij, totdat hij als jood de dood vond in Auschwitz.

Dit is de tweede keer dat jullie samen een boek schrijven. Kunnen we aannemen dat het dus goed bevallen is?

Cornelie: Het schrijven van het boek De gezusters Van Vloten samen met Pieter is mij zeer goed bevallen. Ik heb dan ook geen moment geaarzeld om een nieuw project met hem aan te gaan.
Pieter: Eigenlijk zijn we aan het nieuwe project begonnen, omdat de samenwerking zo goed en stimulerend was.

Hebben jullie een bepaalde taakverdeling (bijv. de een onderzoekt meer, en de ander schrijft meer)?

Cornelie: Eigenlijk hebben we nooit een specifieke taakverdeling afgesproken. Het een en ander gebeurde zoals het zich aandiende. Volgens mij begon Pieter met te zeggen: ‘Neem jij maar het voortouw’. Bij Bloemen Mozes zijn we in het begin beiden gestart met het lezen van allerlei literatuur om de context te kunnen schetsen. Ik startte daarna het onderzoek naar de geschiedenis van de manuscripten dat zoveel stof opleverde dat we daaraan het eerste deel van het boek konden wijden. De hertaling hebben we samen tot stand gebracht waarbij ik de beide documenten (manuscript en typoscript) in elkaar geschoven heb en Pieter het verhaal chronologisch vorm gaf en redigeerde. Ik nam het voortouw bij het schrijven van het derde deel, Pieter vulde aan en redigeerde. Ook in het onderzoek in het derde deel vulden we elkaar aan. Terugkijkend denk ik te kunnen stellen dat ik meer schrijf en dat Pieter redigeert en richting wijst. Hij is het historisch geweten en plaatst verbodsborden bij mijn romantische zijpaden.
Pieter: Ik heb Cornelie het voortouw laten nemen, omdat ik nog wel in beslag wordt genomen door mijn dagelijkse werkzaamheden. Daarom staat de naam van Cornelie ook voorop. Dat is niet alleen ouderwetse hoffelijkheid. Zonder Cornelie was het boek er niet gekomen, maar dat geldt ook omgekeerd.

Er speelt momenteel ook een theaterstuk met hetelfde onderwerp. Dat kan geen toeval zijn?

Cornelie: Het samengaan van boek en teaterstuk is voor een groot deel toeval (zie pagina 22/23 boek).
Pieter: In feite is het een wonderlijk toeval dat de fotokopieën twintig jaar bij mij in de kast hebben gelegen en dat hetzelfde het geval was bij Ad de Ruyter. Beiden dachten we: daar moeten we nog eens iets mee doen. Gelukkig is Ads voornemen uitgelopen op een musical en mijn voornemen op een boek. Dat bijt elkaar niet, integendeel!

Als je geïnteresseerd bent in boek en theatervoorstelling, in welke volgorde zou je ze dan moeten ‘consumeren’, en waarom?

Cornelie: Boek en theatervoorstelling kunnen onafhankelijk van elkaar ‘geconsumeerd’ worden. De plekken die wij als onderzoekers ‘open’ hebben moeten laten, zijn zeer inventief door de scenarioschrijver van het theaterstuk ingevuld. Het verhaal in het stuk zou in grote lijnen het verhaal achter de memoires kunnen zijn. In dat opzicht is het een zeer interessante aanvulling! Pieter: Te oordelen naar de promotie video (zie hieronder) is het een fascinerend theatergebeuren. Het is intrigerend om te zien wat een scriptschrijver doet met dezelfde stof die wij als cultuurwetenschappers analyseren en van commentaar voorzien.

- Promotievideo Theaterstuk Bloemen Mozes-

Wat zouden jullie willen zeggen tegen mensen die denken dat een boek gebaseerd op een historisch onderzoek wel saai zal zijn?

Cornelie: Ik zou dat natuurlijk ontkennen! Ik denk zelf dat een boek gebaseerd op historisch onderzoek zeer narratief moet zijn. Het moet verhalen vertellen. Daarbij gaat het vaak om het vinden van details die het verhaal moeten kleuren. Als de schrijver erin slaagt om de historische figuren tot leven te brengen kan het net zo boeiend zijn als fictie.
Pieter: De spannendste boeken zijn soms op historisch onderzoek gebaseerd. Kijk maar naar de nominaties voor de Grote Geschiedenis Prijs. Het gevaar dat bij zogenaamde factie op de loer licht is genrevervaging. Zo vind ik Anna Boom van Judith Koelemeijer een mislukt boek, omdat het noch een verantwoorde historische studie met enige diepgang is, noch een geslaagde of gelaagde vie romancée. Ons boek houdt zich aan de spelregels voor historisch en journalistiek onderzoek.

Hebben jullie nog plannen voor meer publicaties in de nabije toekomst, apart of samen?

Cornelie: We denken zeker aan een nieuwe publicatie samen in de toekomst. Er zijn over en weer al wat suggesties. Wellicht ga ik me nog eens wagen aan een historische roman. We zullen zien!
Pieter: Ik heb meer boeken in mijn hoofd dan ik mogelijk zal kunnen schrijven. Ook ligt er nog genoeg materiaal in mijn kast voor scripties en boeken. Materiaal verzamelen is makkelijker dan verwerken en presenteren. We zijn zowel afzonderlijk als samen op zoek en overwegen verschillende onderwerpen, maar het eureka moet nog geroepen worden. Onderwerpen als De gezusters Van Vloten en Bloemen Mozes als boek en musical zijn moeilijk te evenaren, maar wie weet valt ons weer iets moois in.

Wij wachten het af wat deze schrijvers ons nog te bieden hebben, samen of apart. Resultaten in het verleden bieden geen garantie voor de toekomst, maar een aanwijzing zijn ze wel dat het wachten de moeite wel eens kon lonen.

Bookmark and Share

Marga Mulder is docent Nederlands en freelance journalist. Ze is sinds 2005 MA Algemene Cultuurwetenschappen. Momenteel maakt en beheert ze de website van de Stichting Vrienden van het Jongeriuscomplex in Utrecht: www.jongeriuscomplex.nl

  

Er zijn nog geen reacties

Hier graag uw bericht




?
? ?
?

Powered by TalkBack